Beatrix wilde alleen einde slavernij herdenken, niet slachtoffers
In dit artikel:
Uit aantekeningen van koningin Beatrix blijkt dat zij grote bezwaren had tegen haar rol bij de onthulling van het Nationaal Monument Slavernijverleden in Amsterdam in 2002. Ze wilde dat de bijeenkomst vooral in het teken stond van de bevrijding uit de slavernij, en niet van het herdenken van slachtoffers. Ook vreesde ze volgens historicus Gert Oostindie dat sterke emoties de ceremonie zouden overheersen. Ze noteerde onder meer dat kransleggingen een verkeerd symbool zouden zijn en dat excuses niet aan de orde waren.
De aantekeningen werden gemaakt na gesprekken met familieleden en minister Roger van Boxtel. Die drong erop aan dat Beatrix of haar zoon Willem-Alexander het monument zou onthullen. Beatrix overwoog aanvankelijk te weigeren, maar besefte dat dit politiek en maatschappelijk slecht zou vallen. Volgens Oostindie was ze bovendien niet enthousiast over het ontwerp van de Surinaamse kunstenaar Erwin de Vries.
Het monument werd op 1 juli 2002 onthuld in het Amsterdamse Oosterpark, 139 jaar na de afschaffing van de slavernij in Suriname en de Nederlandse Antillen. Alleen genodigden mochten de ceremonie bijwonen; honderden Surinaamse en Antilliaanse bezoekers werden achter dranghekken gehouden. Dat leidde tot grote woede en geldt achteraf als een pijnlijke misser.
De onthullingen staan in een nieuw boek over het koloniale verleden van de Oranjes, waarvoor Oostindie onderzoek deed op initiatief van koning Willem-Alexander. De terughoudendheid van Beatrix contrasteert met haar zoon, die later nadrukkelijk excuses aanbood voor het Nederlandse slavernijverleden en het geweld tijdens de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog.
Vandaag Inside: Johan Derksen zag René en Natasja Froger bij Renze: 'Ik heb me zó geërgerd!'