Koning Boudewijn tekende abortuswet niet: „Vergeef me mijn wankele geloof"

dinsdag, 9 juni 2026 (21:52) - Reformatorisch Dagblad

In dit artikel:

Koning Boudewijn kwam in 1990 in zwaar gewetensnood toen het Belgische parlement een wet aannam die abortus uit het strafrecht haalde. Uit zijn dagboeken en brieven, vrijgegeven aan biograaf Vincent Dujardin, blijkt dat de vorst tekenen van de wet weigerde omdat hij vreesde dat die de waardering voor het leven van de kwetsbaarsten zou aantasten. Hij voelde zich persoonlijk medeverantwoordelijk en voorzag een storm van kritiek, intimidatie en mogelijk geweld tegen hem en koningin Fabiola. Adviseurs waarschuwden dat zijn weigering de monarchie in gevaar kon brengen.

De regering loste het constitutionele dilemma op door Boudewijn voor een periode van 36 uur formeel “onmogelijk om te regeren” te verklaren; hierdoor kon de wet zonder zijn handtekening in werking treden. Tot ieders verrassing leidde zijn besluit niet tot massale afkeer: peilingen toonden dat 77% vond dat hij niet hoefde af te treden, en de koning ontving duizenden steunbrieven — ook van mensen die voor legalisering van abortus waren. Kerkelijke leiders, onder wie kardinaal Danneels, prezen zijn beslissing.

Dujardins biografie, het resultaat van twintig jaar archiefonderzoek en gesprekken met familie en getuigen, plaatst deze episode in een breder levensbeeld. De auteur beschrijft hoe tussen 1970 en 1990 bijna veertig wetsvoorstellen werden ingediend om zwangerschapsafbreking uit het strafrecht te halen, terwijl in sommige ziekenhuizen abortussen al plaatsvonden. De kloof tussen praktijk en wetgeving maakte politieke actie onvermijdelijk. Dujardin behandelt ook andere thema’s uit Boudewijns leven: zijn intensieve betrokkenheid bij het koloniale en postkoloniale Congo, zijn relatie met Fabiola (zij onderging meerdere miskramen), zijn contacten met internationale leiders en met het Vaticaan, en zijn rol in binnenlandse crises zoals de staking van 1960–1961.

De biografie bevat veel persoonlijke aantekeningen van Boudewijn, die vaak in gebedstoon eindigen, en stelt kritische vragen over zijn politieke invloed en buitenlandse betrekkingen — onder meer met leiders als Mobutu, Gorbatsjov en Bush sr. Dujardin merkt ook op dat Boudewijn de euthanasiewet van 2002 niet meer meemaakte, maar dat een soortgelijk gewetensconflict zich toen opnieuw zou hebben kunnen voordoen.

Koning Boudewijn (1930–1993) bestreed zijn laatste jaren met het gewicht van een monarch die zijn plicht en persoonlijke overtuiging voortdurend afwoog. Zijn overlijden na een mislukte hartoperatie leidde tot massale rouw en de troonopvolging door zijn broer Albert II. De nieuwe biografie biedt een gedetailleerd portret van een vorst voor wie privé-geloof, constitutionele plicht en politieke realiteit soms moeilijk verenigbaar bleken.