Koningspaar bezoekt voormalige plantages tijdens staatsbezoek Suriname
In dit artikel:
Koning Willem-Alexander (58) en koningin Máxima (54) brengen in het begin van december een driedaags staatsbezoek aan Suriname, waarbij aandacht is voor zowel culturele uitwisseling als het koloniale verleden. Het programma, bekendgemaakt door de Rijksvoorlichtingsdienst, bevat bezoeken aan voormalige koffie- en cacaoplantages en gesprekken met vertegenwoordigers van nazaten van tot slaaf gemaakten en inheemse gemeenschappen.
Op maandag 1 december worden zij in het Presidentieel Paleis in Paramaribo ontvangen door president Jennifer Simons en haar echtgenoot. Later die dag leggen ze een krans bij het beeld Mama Sranan en bezoeken ze het parlement en het Hof van Justitie. De tweede dag is gericht op onderwijs, natuur en ondernemerschap: ontmoetingen met een jongerenstichting voor kunst en educatie, het Natuurtechnisch Instituut (NATIN) en de Anton de Kom Universiteit, gevolgd door een rondleiding in de Fernandes‑fabriek en een dankoptreden van de Nederlandse zangeres Sabrina Starke in Theater Thalia. Op de slotdag maken het koningspaar een boottocht over de Surinamerivier en de Commewijnerivier om de rol van rivieren en mangroves — spiritueel, economisch en ecologisch — te verkennen; per boot bezoeken ze het voormalige plantagegebied dorp Johanna Margaretha.
Het bezoek is het eerste Nederlandse staatsbezoek aan Suriname in 47 jaar; de laatste staatsgast was koningin Juliana in 1978, kort na de onafhankelijkheid.